Schenking aandelen aan trouwe werknemer is geen loon

Een werknemer krijgt na jaren trouwe dienst alle aandelen van zijn werkgever geschonken. De aandelen zijn € 7,8 miljoen waard. De inspecteur merkt dit bedrag aan als loon uit dienstbetrekking. De werknemer heeft immers geen familieband met de schenker en dankt de schenking aan zijn bewezen kwaliteiten als directeur. De werknemer stelt dat sprake is van een zuivere schenking in het kader van bedrijfsopvolging. Vormen de aandelen loon?

Van junior tot directeur tot eigenaar

Een man begint in 2000 als junior bij een concern en werkt zich op tot directeur. Sinds 2007 is hij onafgebroken in dienst. De enig aandeelhouder heeft geen opvolger binnen de familie en wil dat het meer dan honderdjarige familiebedrijf zijn karakter behoudt. Hij schenkt in 2022 alle aandelen aan de directeur. De waarde bedraagt € 7,8 miljoen. De schenking bevat een doorgeefverplichting: als de directeur geen bestuurder meer is, moet hij de aandelen om niet overdragen aan zijn opvolger(s). De inspecteur belast het volledige bedrag als loon in box 1.

Beloning of bedrijfsopvolging?

De inspecteur stelt dat een causaal verband bestaat tussen de schenking en de dienstbetrekking. De werknemer kreeg de aandelen omdat hij zich als werknemer had bewezen. Zonder die dienstbetrekking had hij de aandelen nooit gekregen. Bovendien ontbreekt een familieband of andere persoonlijke relatie met de schenker. De werknemer betoogt dat sprake is van een reële bedrijfsopvolging. De schenker wilde de continuïteit van de onderneming waarborgen en voorkomen dat het bedrijf ten prooi zou vallen aan grotere spelers.

Causaal verband is niet genoeg

De rechtbank stelt voorop dat de aandelen behoorden tot het privévermogen van de schenker en niet tot het vermogen van de werkgever. De schenker is niet gecompenseerd voor zijn verarming. Een causaal verband tussen voordeel en dienstbetrekking betekent nog niet dat de werkgever dit voordeel heeft verstrekt. Uit het getuigenverhoor blijkt dat de schenker de aandelen uit eigen beweging schonk, vanuit zijn diepgewortelde wens dat de onderneming haar karakter zou behouden. De schenker had daarbij vooral zijn aandeelhouderspet op, niet zijn werkgeverspet. Bovendien kreeg de werknemer de aandelen niet vrij in handen: hij moet ze doorgeven aan zijn opvolgers. De doorgeefverplichting benadrukt hier dat de continuïteit van de onderneming vooropstaat, niet de beloning van de werknemer. Van loon van derden of fooien is evenmin sprake, omdat de aandelen geen vergoeding vormen voor verrichte werkzaamheden.

Bron: Rechtbank Noord-Nederland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBNNE:2026:213 | 28-01-2026

Voetbalkaartjes voor werknemers zijn loon in natura

Een schoonmaakbedrijf beschikt over twee seizoenkaarten voor Ajax en koopt nog 22 kaarten voor de wedstrijd Ajax-Juventus. De kaarten worden gebruikt door werknemers en de aandeelhouder. Het bedrijf stelt dat de kaarten dienen voor acquisitie en relatiebeheer. De inspecteur legt een naheffingsaanslag loonheffingen op. Het bedrijf heeft namelijk niet geadministreerd wie de wedstrijden heeft bezocht en met welk doel. Is de naheffing terecht?

Zakelijk?

Het bedrijf stelt dat de kaarten acquisitiemiddelen zijn. Potentiële klanten worden meegenomen naar wedstrijden of krijgen kaarten ter beschikking gesteld. Tijdens wedstrijden en evenementen in het stadion doet het bedrijf nieuwe contacten op die leiden tot omzet. De schoonmaakbranche is een competitieve markt waarin contracten tot stand komen op basis van persoonlijke gunning en netwerken. Volgens het bedrijf heeft de inspecteur niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een voordeel in natura.

Privé

De rechtbank oordeelt dat het bezoeken van voetbalwedstrijden in hoge mate een recreatief karakter heeft. Werknemers die een wedstrijd bezoeken, doen dat in beginsel uit eigen persoonlijke behoeftenbevrediging. Het is vervolgens aan het bedrijf om het zakelijke karakter van de verstrekking aannemelijk te maken. Daarin slaagt het bedrijf niet. Het bedrijf heeft niet inzichtelijk gemaakt wie de kaarten heeft gebruikt en of dat een zakelijk of privédoel had. Dat tijdens een wedstrijdbezoek een contact kan worden opgedaan dat uitgroeit tot een zakelijk contact, neemt het consumptieve karakter van het bezoek niet weg. De naheffingsaanslag is terecht opgelegd.

Bron: Rechtbank Gelderland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBGEL:2025:5000 | 25-06-2025

Hof akkoord met gebruikelijk loon van € 7.500

Een handelaar in edelmetalen, met slechts € 12.721 aan liquide middelen, moet volgens de Belastingdienst toch € 25.000 loon krijgen. Dat zou het directe einde betekenen van de onderneming. De rechtbank en het hof stellen het gebruikelijk loon vast op € 7.500. Deze uitspraak verduidelijkt wanneer afwijking van het wettelijke minimumloon mogelijk is. Een incidenteel verlies volstaat niet, maar als loonbetaling de onderneming direct de das omdoet, wel. De rechter kijkt naar het complete plaatje: liquiditeiten, voorraden, bedrijfsmiddelen en toekomstperspectief.

Edelmetaalhandel in zwaar weer

De dga is de enige werknemer. De dga dient aan het einde van 2022 een aangifte loonbelasting in en geeft daarbij een belastbaar loon van € 48.000 op. Omdat de betaling uitblijft, legt de inspecteur een naheffingsaanslag op voor dat bedrag. Enkele maanden later maakt de dga bezwaar. Hij stelt dat de aangifte is gebaseerd op onjuiste cijfers en vraagt om herziening van de naheffingsaanslag. De inspecteur komt de dga gedeeltelijk tegemoet en verlaagt het belastbare loon naar € 25.000. De dga gaat hiertegen in beroep.

In 2019 en 2020 maakt de bv bescheiden winsten. In 2021 verhoogt coronasteun de winst naar € 26.187. In 2022 volgt een verlies van € 5.664. Als in 2023 het verlies verergert tot € 23.433, besluit de dga de onderneming te staken. Hij zegt de huur van het bedrijfspand op en bereidt de beëindiging van de activiteiten voor. Het eigen vermogen daalt naar € 40.731, met slechts € 12.721 aan liquide middelen. Uitbetaling van € 25.000 zou de directe ondergang van de onderneming betekenen. Voorraden en bedrijfsmiddelen moeten dan worden verkocht om het salaris te betalen. De onderneming kan dan niet meer functioneren.

Hof: continuïteit gaat voor

De rechtbank stelt het gebruikelijke loon vast op € 7.500. Het hof bevestigt dat. De wet biedt deze ruimte bij structurele verliezen die de continuïteit bedreigen. Niet alleen liquiditeiten tellen, maar de hele financiële positie. De dga heeft jarenlang geen salaris opgenomen om vermogen op te bouwen. Dit zit vast in bedrijfsnoodzakelijke activa. Het is cruciaal dat de dga geen geld heeft onttrokken via andere routes. Het opgebouwde vermogen zit volledig in de onderneming. De inspecteur mag zijn ogen niet sluiten voor het feit dat de onderneming in 2023 verder verlies leed en in 2025 is gestaakt.

Bron: Gerechtshof Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:GHDHA:2025:2591 | 30-09-2025