Wijzigingen Overdrachtsbelasting

Verlaging algemeen woningtarief overdrachtsbelasting van 8% naar 7%

Het tarief van de overdrachtsbelasting voor zogenaamde niet-hoofdverblijfwoningen, zoals woningen die investeerders kopen voor de verhuur, wordt verlaagd van 8% naar 7%. Deze verlaging moet het investeringsklimaat op de huurmarkt verbeteren en het aanbod van huurwoningen stimuleren. De startersvrijstelling en de overige tarieven, zoals het verlaagde tarief van 2% voor hoofdverblijfwoningen, veranderen niet.

Nieuwe vrijstelling overdrachtsbelasting voor woningcorporaties

In de overdrachtsbelasting geldt onder voorwaarden een vrijstelling bij een taakoverdracht tussen twee algemeen nut beogende instellingen (ANBI). Woningcorporaties kunnen een ANBI zijn als zij aan de voorwaarden voldoen. Deze vrijstelling heeft een aantal voorwaarden, die het voor woningcorporaties lastig maken om huurwoningen aan elkaar over te dragen zonder de heffing van overdrachtsbelasting. Zo geldt de vrijstelling niet bij de overdracht van losse onroerende zaken. Om die reden wordt een nieuwe vrijstelling voorgesteld voor overdrachten van onroerende zaken tussen woningcorporaties onderling. Het gaat daarbij alleen om onroerende zaken die woningcorporaties nodig hebben voor diensten van algemeen economisch belang. Andere onroerende zaken vallen niet onder de nieuwe vrijstelling. De vrijstelling voor taakoverdracht is niet langer van toepassing wanneer bij een taakoverdracht een koopsom wordt bedongen. Daarmee wordt voorkomen dat woningcorporaties in voorkomende gevallen een beroep op twee vrijstellingen kunnen doen.

Bron: Ministerie van Financiën | wetsvoorstel | 14-09-2026

Aanpassingen Btw en accijns

Tarief sierteelt en ballonvaarten

Sierteeltproducten zijn onder meer bloembollen, bloemen, planten en boomkwekerijproducten zoals kerstbomen. Het verlaagde btw-tarief van 9% op deze producten wordt afgeschaft. Vanaf 1 januari 2028 geldt het algemene btw-tarief van 21% voor sierteeltproducten. Vanaf die datum geldt ook voor ballonvaarten het algemene tarief. Omdat er in deze sector gewerkt wordt met vooruitbetalingen, wordt met een overgangsbepaling geregeld dat het btw-tarief geldt van het moment waarop de prestatie wordt verricht. Wordt een ballonvaart dus vooruitbetaald in 2027, maar vindt deze plaats in 2028, dan is het algemene btw-tarief verschuldigd.

Verlengen accijnskorting voor ongelode benzine

De accijnstarieven voor ongelode benzine, diesel en LPG zijn sinds 1 april 2022 verlaagd. Per 1 juli 2023 is de verlaging gedeeltelijk teruggedraaid. Het kabinet stelt voor om de accijnskorting voor ongelode benzine te verlengen tot 1 januari 2028. Het accijnstarief voor ongelode benzine wordt iets verhoogd, maar niet geïndexeerd, waardoor de accijnskorting voor 2027 de facto ruimer wordt.

Accijnstarief 2027 2026
In basispad € 1,02812 € 1,00207
Accijnskorting € 0,17643 € 0,15738
Accijnstarief € 0,85169 € 0,84469

Indexatie alcoholaccijns

In tegenstelling tot andere accijnzen kent de alcoholaccijns momenteel geen indexatiesystematiek. Hierdoor neemt de hoogte daarvan relatief af bij inflatie. Voorgesteld wordt dat de hoogte van de accijns jaarlijks automatisch wordt aangepast aan de inflatie, zodat de reële hoogte van de tarieven gelijk blijft.

Afschaffen kleine brouwersregeling
Over bier van kleine brouwerijen wordt een lager accijnstarief geheven dan over bier van grote brouwerijen. Kleine brouwerijen (< 200.000 hl) krijgen een accijnskorting van 7,5%. Dit scheelt, afhankelijk van het alcoholpercentage, één tot twee cent per glas. Het kabinet stelt voor om dit verlaagde accijnstarief per 2028 af te schaffen, zodat ook bij kleine brouwerijen het reguliere accijnstarief wordt geheven.

Bron: Ministerie van Financiën | wetsvoorstel | 14-09-2026

Maatregelen Loonbelasting

Onbelaste reiskostenvergoeding naar € 0,25

De gerichte vrijstelling voor reiskosten wordt met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 verhoogd van € 0,23 naar € 0,25. In navolging van deze verhoging worden ook het forfait voor aftrekbare reiskosten voor IB-ondernemers en resultaatgenieters en het forfait voor reiskosten bij specifieke zorgkosten bij ziekenbezoek, weekenduitgaven voor gehandicapten en het forfait voor de giftenaftrek voor de situatie waarin een vrijwilliger afziet van een reiskostenvergoeding verhoogd van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer.

Afschaffen vrijstelling eigen producten WKR

Voorgesteld wordt om de gerichte vrijstelling voor branche-eigen producten af te schaffen. Deze vrijstelling gold sinds 2015. Werkgevers konden sindsdien een korting geven tot een bedrag van ten hoogste 20%, maar niet meer dan € 500 per werknemer per kalenderjaar op producten uit het eigen bedrijf. Denk hierbij aan personeelskorting op boodschappen, kleding, elektronica, gezinsabonnementen, vliegtickets, hypotheekadvies of verzekeringspremies. Werkgevers kunnen vanaf 2027 nog wel personeelskorting blijven geven, maar deze korting moeten zij dan ten laste van de vrije ruimte van de werkkostenregeling brengen. Het is niet langer nodig om bij te houden hoeveel korting er per werknemer is gegeven.

Bron: Ministerie van Financiën | wetsvoorstel | 14-09-2026